De bouwsector in Nederland krabbelt langzaam op na een uitdagend jaar. Voor veel klusbedrijven met overvolle agenda’s klinkt het misschien raar, maar de bouwproductie daalde dit jaar met 2% ten opzichte van 2023. Maar er wordt met optimisme gekeken naar de toekomst, zo lezen we in een publicatie van ABNAmro. Dankzij een toenemende interesse in nieuwbouwwoningen en de aanhoudend hoge vraag naar onderhoud en renovatie wordt in 2025 een groei van 0,5% verwacht, oplopend naar 3% in 2026. Dit herstel zal ervoor zorgen dat het aanbod van werk voor zelfstandigen zeker niet minder wordt.
Obstakels en kansen
De dip in 2024 was vooral te wijten aan belemmeringen in de nieuwbouw, zoals netcongestie, stikstofproblematiek en complexe regelgeving. Toch leidt de combinatie van dalende rentes en stijgende lonen tot een hernieuwde interesse in nieuwbouw. Daarnaast blijft de vraag naar onderhoud en renovatie in zowel de woning- als utiliteitsbouw groot.
Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) voorspelt een gemiddelde jaarlijkse groei van 1,5% in het aantal zelfstandigen tussen 2026 en 2028. Deze toename wordt mede gedreven door een krappe arbeidsmarkt en een vergrijzende beroepsbevolking, waardoor ook buitenlandse arbeidskrachten een grotere rol zullen spelen.
Sterke groei van zelfstandigen
Sinds 2019 is het aandeel zelfstandigen in de bouwsector fors toegenomen. In 2023 werkte 29% van de werkenden in de sector als zelfstandige, een stijging van 6% ten opzichte van 2018. Vooral in de gespecialiseerde bouw, zoals loodgieterswerk en pijpfitten, is het aandeel zelfstandigen sterk gegroeid. Bij loodgieters steeg het percentage zelfstandigen van 15% in 2019 naar 31% in 2024.
Zelfstandigen zijn het meest actief in de ruw- en afbouwsector, waar bijna de helft van de werkenden zelfstandig is. Deze verschuiving ging vaak ten koste van het aantal uitzendkrachten, vooral bij schilders en metaalspuiters.
Aantrekkelijke tarieven
Zzp’ers in de bouwsector kunnen rekenen op aantrekkelijke tarieven. Volgens KNAB verdienen zelfstandige vakmensen gemiddeld €44 tot €51 per uur, afhankelijk van hun specialisatie. Schilders, stukadoors en timmermannen zitten aan de onderkant van dit spectrum, terwijl aannemers en projectmanagers de hoogste tarieven kunnen vragen.
Schijnzelfstandigheid en regelgeving
Hoewel zelfstandigen in de bouw vaak duidelijk afgebakende projecten uitvoeren, blijft schijnzelfstandigheid een risico. Brancheorganisatie Bouwend Nederland adviseert bedrijven om relaties met zzp’ers goed te documenteren en modelovereenkomsten te gebruiken. Ook wordt geadviseerd zelfstandigen niet langdurig fulltime in een vast team te laten werken.
De verwachte veranderingen in de handhaving op schijnzelfstandigheid lijken voor de bouwsector weinig impact te hebben. Slechts 9% van de zelfstandigen in de bouw geeft aan terug te willen naar een dienstverband, een percentage lager dan het landelijke gemiddelde van 11% onder zelfstandigen.
Lees ook: Minder dan de helft van de Nederlanders wil warmtepomp
Populair op KlusVisie: Gereedschapstest: Bosch hard kloppende koppelkoning



