Ernst de Nobel neemt natuurvriendelijke verf serieus

‹ Terug naar overzicht
Geplaatst op:
Ernst de Nobel kun je een man met een missie noemen. Want hij is eigenaar van Ecocoatings en heeft een schilderbedrijf. Ook is hij actief bij Koninklijke OnderhoudNL en de Schilders van Nu.

Wat drijft Ernst de Nobel?
“Ik ben er ingerold, van het een kwam het ander. Ik voerde eerst hele verbouwingen uit. Alles deed ik zelf, later met anderen. Ik kreeg ondertussen steeds meer schilderwerk, vond ik wel leuk. Heb me er meer in verdiept en het Savantis-ervaringscertificaat gehaald. Ik kwam in aanraking met duurzame verven, dat opende mijn ogen. Ik wil geen onderdeel zijn van een probleem. Het maakt volgens mij wel degelijk uit wat we op muren en kozijnen smeren. Uiteraard ben ik niet van de ene op de andere dag op duurzame verf overgestapt. Het is een kwestie van uitproberen welke verven je wel en niet bevallen. Want de kwaliteit en de standtijd moeten even goed zijn als van de acrylaat- en alkydverven.”

Hoe zit het met de klanten, pakken die het op?
“Vooropgesteld: ik heb niet de pretentie de wereld te veranderen. Ik wil wel dingen doen die goed voor mezelf voelen. Dankzij mijn aanpak en de winkel, die tevens webshop is, krijg ik klanten die hiervoor openstaan. Wat heet, ik hoef alleen maar nee te zeggen tegen klussen, zoveel aanvragen komen binnen.”

Hoe kijk je tegen de huidige schilderbusiness aan?
“Dat het allemaal traag gaat, er is weinig echte productinnovatie bij de fossiele jongens. Gooi wat zonnepanelen op je fabrieksdak en je bent groen. Zo werkt dat voor mij niet. Ik betreur het dat de VVVF (de Vereniging van Verf- en Drukinktfabrikanten, red.) de ambitie heeft losgelaten om alle verf geproduceerd voor de Nederlandse markt in 2030 50 procent hernieuwbare grondstoffen te laten bevatten.
Er zijn ook partijen die doen alsof het om allemaal nieuwe innovaties gaat. Wat vakmensen huiverig kan maken. Want hoe zit het dan met de praktijkervaring? Het is onvoldoende bekend dat een aantal producten die hier in de winkel staan, al decennia lang meegaan. Keim zit in Duitsland al 150 jaar op gevels en binnenmuren. Dat heb ik die moderne texen nog niet zien doen.
Voor alle producten blijft gelden dat elke ondergrond een specifieke eigenschap bezit. Daar hoort het juiste product bij. Maar veel mensen zijn te lui om een blik te lezen, of maken weinig tijd vrij om alternatieven te onderzoeken. Je moet je er in willen verdiepen en niet denken dat de verf doet wat je in je hoofd hebt zitten.”

Hoe kijken je collega’s tegen de verven aan die jij verkoopt?
“Als medebestuurder van Koninklijke OnderhoudNL ervaar ik dat het nog te weinig leeft. Dat komt, denk ik, omdat het hartstikke goed gaat met onze branche. Er is een onwijze hoeveelheid werk te doen en we hebben een gebrek aan vakmensen. Het maakt dan blijkbaar niet zoveel uit wat je op de muur smeert, als je maar komt schilderen. Tenzij je in de niche zit waar ik werk en waar beweging in zit. Grote klanten komen steeds vaker met duurzaamheidscriteria. Lage footprints, zeker bij muurverf, worden belangrijk. Want dat zijn grote hoeveelheden verf, je kunt dan stappen maken bij het CO2-verhaal. Denk ook aan de particuliere markt, daar gaan zulke enorme grote hoeveelheden muurverf doorheen.
Het is ook zo dat elke schilder en vakman die regelmatig schildert, weet dat als hij of zij met een ander product gaat schilderen, je er mee moet leren werken. Dat hoeft niet onoverkomelijk te zijn. Het gaat te vaak om de prijs van een verf. Reken je de milieubelasting en gezondheidsvoordelen mee, dan krijg je een aantrekkelijke prijs-kwaliteitverhouding. Daar zijn veel klanten gevoelig voor. Ik ervaar dat het ook bij VVE’s leeft en ik ken middelgrote schilderbedrijven die de bal oppakken.”

Wat is de serieuze uitdager van alkydlak voor buiten?
“Wellicht de lijnolieverven, daar zit mooi spul tussen. Zoals de hoge glansgraad van Rigo’s Toplin. Die verven blijven ook lang intact op de kozijnen, daar kan geen alkyd tegenop. Maar als je wilt opschalen, is lijnolieverf een uitdaging vanwege de langere droogtijd. Dan kun je de vaste delen met lijnolieverf uitvoeren en de draaiende delen met een biobased alkyd. Die verf zit tegenwoordig qua verwerking heel dicht bij een high solid.
Ik vermoed dat ook voor buiten watergedragen verven worden ontwikkeld die de lijnolieverven en de alkyds gaan verdringen. Ik weet zeker dat de watergedragen Pura-lijn van Copperant, mits goed verwerkt, ook geschikt is voor buiten. Ik heb er inmiddels buiten mee geschilderd. Dat viel niet tegen. Copperant heeft een pilot lopen bij een grote partij, die wordt nog steeds gemonitord. Als het werk goed wordt onderhouden, dan gaat die verf zo’n vijf jaar mee voordat je onderhoud aan de liggende delen moet uitvoeren. Maar dat geldt ook voor de meeste andere verven.”

We lopen een rondje door de zaak en stuiten op de rode emmers van Keim.
“Keim past perfect in mijn verhaal. Want het Duitse bedrijf biedt kwaliteit met onder meer de Innostar, een binnenmuurverf op basis van minerale bindmiddelen. Denk aan schrobklasse 1 en dekkingsklasse 1. Omdat de verf vrij is van oplosmiddelen, fungiciden, weekmakers en andere milieuschadelijke toevoegingen, is het kritische Natureplus-certificaat toegekend. Dat krijg je niet zomaar.
Het is geen dispersie- maar een silicaatverf, de korrel is wat grover. De verf kun je zowel rollen, kwasten of verspuiten en heeft na droging een kalkmatte uitstraling. Innostar dringt in de ondergrond en maakt een onoplosbare verbinding. De laag laat dus niet los. Ook de primer is op natuurlijke basis, het bevat de bindmiddelen hydrosol en kieselsol. Ik kan de Innostar in de kleurenmengmachine op lichte tinten brengen. Donkere kleuren brengt Keim zelf op kleur, dan heb je een wachttijd van een paar dagen.”

Skyn, een gerecyclede muurverf van het IJmuidense Rigo, is het volgende product. Dus toch een acrylaatverf in de collectie?
“Met reden. Verzamelde verfresten verdwijnen in de oven. Rigo redt resten van verbranding. De verf is niet heel groen, een soort lichtgroen. Het is al gemaakt, dus waarom niet opnieuw gebruiken in plaats van weggooien? Ik wil dat mensen gaan nadenken over waar we heengaan. Dat kan dus ook met een verf als Skyn, het is gewoon een A-kwaliteit, schrobvast klasse 1.”

Ernst de Nobel is erg gecharmeerd van het Zwitserse Böhme. Hij verwacht er veel van.
“Je ziet tegenwoordig steeds vaker gepotdekseld hout. De watergedragen lijnoliebeits van Böhme geeft op dat hout een hele mooie, matte uitstraling. En de beits verwerkt bijna als een acrylaat.
Böhme is ook erg goed in UV-bescherming met de Suncare-filterproducten. Dat filter kun je ook onder een transparant verfsysteem zetten. Het hout vergrijst dan niet. Wil de klant egaal vergrijsde delen, dan zet je op het onbehandelde hout de voorvergrijzer Agingstain. Niet schuren en met de kwast, roller of verfspuit aanbrengen. Ik ben ook een fan van de Lignostain, een watergedragen lijnoliebeits, werkt super makkelijk en kleurt heel diep in. En de beits is dampopen.”

De Nederlandse producent Vliegenthart maakt naam met Lacq. De ontwerper Piet Hein Eek bedacht onlangs een speciale lijn voor binnen met fraaie kleuren. Kun je daar de keukenkastjes mee doen?
“Een knoepertharde, krasvaste biobased lak die zo hard is als een PU bestaat nog niet. Ik verkoop geen gebakken lucht. Biobased parketlakken zijn een interessante ontwikkeling. Maar voor bijvoorbeeld buitendeuren of keukenkastjes zul je met PU-producten moeten afwerken. Er zijn wel een aantal partijen die hard werken aan zo’n biobased beitslak, zoals Sherwin Williams. Lacq biedt een dekkend systeem en met de Energol transparante impregneerproducten. Wat hier staat, is vooral voor buitentoepassingen bedoeld.”

Ook een interessant product voor buitenhout blijkt Stockholmer van het Zweedse Bohus Coatings te zijn.
“Dat is een teer verkregen via pyrolyse: hout droogstoken in een ketel tot een bio-olie. Dan krijg je zwarte houtteer, deden ze vroeger schuren mee. De Natunol is wat dunner dan de Stockholmer, meer een impregneer, dus makkelijker verwerkbaar. Het beschermt zachtere houtsoorten buiten. Het begint te lopen. De Tiny House Store, die tiny houses bouwt, is er fan van. En Stadshout in Amsterdam behandelt er de gemeentelijk plantenbakken mee. Ik importeer de teer via een Nederlands echtpaar. Ik koop bij hun ook Bial, het enige serieuze alternatief voor terpentine, het is niet-vluchtig. Ik maak er onder andere mijn kwasten mee schoon.”

Bied je alternatieven voor houtreparaties?
“Keim maakt Lignosil-HRP-Flussig en Lignosil-HRP-Poeder die je zelf mengt. Zo ontstaat een tweecomponenten vloeibare houtpasta van minerale oorsprong. Heb het een keer gebruikt, de droging is een dingetje. Je zet het met een buikje op. Ik wil best alternatieven aanbieden voor epoxy. Maar dat valt niet mee. Ze doen hun best, zoals de epoxy van Repair Care die inmiddels voor een deel uit biobased materiaal bestaat. Bij deelvervangingen verwerk ik zo veel mogelijk hout. En als ik kit kan mijden dan doe ik dat. Alle kitranden rondom de kozijnen weghalen en dan zet ik er een kalkvoeg in. Vroeger werkte dat goed, dus waarom zou dat nu niet meer werken.”

Na het rondje door de zaak praten we nog wat na met Ernst de Nobel. Wat hem best stoort, is dat er schilders en vakmensen zijn die biobased verven allemaal troep vinden. “Waarom? Vertel het maar. En dan weten ze het niet. Maar goed, ik weet inmiddels dat ik 95 procent van mijn schilderwerk met biobased producten kan oplossen. Dat vind ik gewoon gaaf.”

De verfplas verduurzamen met Ernst de Nobel

Schilders van Nu is een vereniging van bewuste schilders en ­geïnteresseerden die streven naar een schone, veilige en transparante schildersbranche. De leden willen met dit platform de verfplas verduurzamen. Ben je een vakman die vaak schildert met duurzame ecologische verven of wil je daar mee gaan werken? Voor 120 euro per jaar leer je alles over duurzame verven, profiteer je van inkoopvoordelen en nog veel meer. Meer informatie: schildersvannu.nl

KlusVisie.nl biedt actualiteit voor professionals uit de klussen- en onderhoudsbranche. De rubriek Klussen biedt klustips, nieuws over klussen en nog veel meer.